Uitdagingen bij de vervanging van de IBOR-benchmarkrentes

Uitdagingen bij de vervanging van de IBOR-benchmarkrentes

Op de financiële markten zijn benchmarkrentes essentieel. Deze rentes worden gebruikt voor verschillende financiële producten, zoals obligaties, leningen en derivaten, en in het genereren van de relevante verdisconteringsfactor.

Dit heeft impact op onder anderen waardebepalingen, hedgestrategieën, gevoeligheidsanalyses en risicosystemen. De huidige rentebenchmark is gebaseerd op de rente die banken zeggen elkaar te rekenen bij onderlinge, kortlopende leningen. Deze manier van rentebepaling is niet in overeenstemming met de Europese Benchmarkverordening en zal daarom op termijn worden vervangen door een rente gebaseerd op daadwerkelijke transacties. Welke uitdagingen komen bij deze transitie kijken?

Benchmarkrentes

De Interbank Offered Rate (IBOR) is een reeks benchmarkrentes gebaseerd op een dagelijks gehouden enquête onder banken. In deze enquête geeft een panel van banken aan wat de rente is die zij vragen bij onderlinge kortlopende leningen. Voorbeelden van deze benchmarkrentes zijn de LIBOR, gebaseerd op banken gevestigd in Londen, en de EURIBOR, gebaseerd op banken gevestigd in de Eurozone. Sinds de financiële crisis van 2008 gaan er stemmen op om deze benchmarkrentes te vervangen omdat de rente is gebaseerd op het subjectieve oordeel van banken in plaats van daadwerkelijke transacties. Hierdoor kan het rentetarief gemanipuleerd worden en dat is in het verleden ook meermaals en op grote schaal gebeurd.

“Naar onze mening is het niet alleen potentieel onhoudbaar, maar ook onwenselijk voor marktdeelnemers om voor onbepaalde tijd te vertrouwen op referentierentevoeten die geen actieve onderliggende markten hebben die hen ondersteunen” – Andrew Bailey, Financial Conduct Authority (FCA)

Alternatieve risicovrije rente

In juli 2014, reageresnd op de zorgen over de betrouwbaarheid en houdbaarheid van de IBOR rentes, stelde de Financial Stability Board (FSB) in hun rapport een alternatieve risicovrije rente (RFR) voor. Deze alternatieve rente zou volgens de FSB moeten worden gebaseerd op transacties. Deze aanbeveling is opgevolgd door centrale banken en adviesorganen; de eerste plannen voor de rentevervanging worden reeds uitgewerkt. De Britse Authoriteit voor Financieel Gedrag (FCA) heeft kortgeleden een akkoord gesloten met de panelbanken om de LIBOR te blijven publiceren tot eind 2021. Daarna zal alleen de op transacties gebaseerde ‘overnight’-rente worden gepubliceerd als referentie voor de risicovrije rente.

Ook de EURIBOR-rentes zullen worden vervangen. De Raad van Bestuur van de ECB heeft besloten om de Euro-kortetermijnrente (ESTER) te ontwikkelen als vervanging voor de EURIBOR. Niet alle valuta’s zijn in dezelfde fase van de transitie naar de alternatieve risicovrije rente, zoals de status van een aantal belangrijke valuta’s in tabel 1 laat zien.

IBOR, tabel 1: status vervangende rentes

Tabel 1: Status vervangende rentes

Uitdagingen

De transitie van IBOR naar de nieuwe RFR brengt veel uitdagingen met zich mee voor financiële instellingen en ondernemingen. In dit artikel bespreken we er zes.

 

Uitdagingen vervanging IBOR

 

1. Opnieuw onderhandelen over financiële contracten
De transitie van de IBOR naar de RFR heeft impact op de huidige contracten die gebaseerd zijn op de IBOR, zoals obligaties en leningen met een variabele rente. Rentebetalingen kunnen niet automatisch worden vastgesteld en als het contract afloopt, kan deze niet meer worden doorgerold; over de voorwaarden moet opnieuw worden onderhandeld om het contract te vernieuwen. Naast de onderhandeling over aflopende contracten kunnen moeilijkheden ontstaan in het traceren van alle contracten die afhankelijk zijn van IBOR-rentes. Het is bedrijven daarom aan te raden om hier op tijd mee te beginnen en om zich bewust te zijn van de potentiële risico’s wanneer contracten aflopen na de overgangsdatum.

2. Onzekerheid in regelgeving
De transitie van de IBOR naar de RFR is geen gedwongen transitie. Duidelijke regelgeving is (nog) niet voorgeschreven door de regelgevers en toezichthouders, dus de transitie wordt voorlopig overgelaten aan marktinitiatief. De gewenste eindstatus is nog onbekend. Sommige bedrijven zullen de regelgeving afwachten, wat de transitie kan vertragen. Met name wanneer bedrijven problemen ervaren, kan regelgeving noodzakelijk zijn om door te gaan met de transitie. Als aflopende contracten niet vernieuwd maar doorgerold worden, zal het aantal niet-vernieuwde contracten toenemen, wat de transitie of aanpassing alleen maar verder uitstelt.

3. Modellering, waardering en risicomanagement
IBOR-rentes worden gebruikt in modellen, bijvoorbeeld in de verdisconteringsfactor gebruiktin prijsmodellen en als proxy voor renterisico in risicomodellen. Vanwege de transitie naar de RFR moeten alle modellen waar IBOR gebruikt of genoemd wordt, worden aangepast of herontwikkeld. Bedrijven moeten zich bewust zijn van de omvang en complexiteit van modellen die afhankelijk zijn van IBOR-rentes. Het is aan te raden om bijtijds te beginnen met het herontwikkelen van prijs-, waarderings- en risicomodellen.

4. Liquiditeit
IBOR-rentes bestaan uit een overnight-rente en rentes met looptijden van 1 week, 1 maand, 2, 3, 6 en 12 maanden. De RFR bestaat daarentegen alleen uit een overnight-rente. Dit betekent dat rentes voor langere looptijden moeten worden gevormd door markttransacties, bijvoorbeeld in de RFR futuresmarkt. Hiervoor is aanpassing van de markt en liquiditeit in nieuwe RFR-derivaten nodig.

5. Timing
De verschillen tussen valuta in de timing van de transitie brengt valutarisico met zich mee. Problemen kunnen ontstaan in bijvoorbeeld cross-currency-renteswaps. Bedrijven moeten op de hoogte zijn van hun aandeel in cross-currency-producten en weten hoe ze het basisrisico tussen valuta willen minimaliseren.

6. Infrastructuur
De transitie naar de RFR brengt ook systeemwijzigingen met zich mee. Alle verwijzingen naar IBOR moeten in alle bedrijfssystemen worden geïdentificeerd en aangepast. Voor veel bedrijven zal dit resulteren in grote (IT-)projecten om onder andere functionele en technische veranderingen aan te pakken, impact analyses en acceptatie testen uit te voeren. Alle modellen en systemen waar IBOR wordt gebruikt, zullen moeten worden herzien. Dit zal een grote uitdaging zijn, gezien het aantal betrokken afdelingen en de onzekerheid over de gewenste eindtoestand.

Scenario’s

De transitie brengt vele uitdagingen met zich mee en de weg vooruit is nog onduidelijk. We geven drie mogelijke scenario’s:

1. Transitie op een vast moment
De transitie van IBOR naar RFR zal plaatsvinden op een vastgesteld tijdstip. De wet- en regelgeving is dusdanig ontwikkeld, dat de transitie vanaf dat moment mogelijk is. Dit scenario zou onzekerheid over regelgeving en afhankelijkheid van IBOR na de transitiedatum verminderen, maar leidt ook tot veel werk voor en samenwerking tussen de betrokken partijen.

2. Transitie als gevolg van marktinitiatief
De transitie vindt plaats als gevolg van het initiatief van marktdeelnemers. Marktdeelnemers zullen voor de afgesproken transitiedatum actief overgaan naar de RFR. De pioniers zullen als eerste overgaan, de nieuwe marktstandaarden zullen vorm krijgen wanneer de meerderheid volgt en de achterblijvers zullen vlak voor de IBOR-einddatum overstappen naar de RFR.

3. Meerjarige transitie
Alleen nieuwe contracten zullen worden gebaseerd op de RFR. Wanneer huidige contracten aflopen, zullen deze worden heronderhandeld en vernieuwd. In dit scenario worden zowel de IBOR als de RFR ondersteund tot alle contracten vernieuwd zijn. Dit zal meerdere jaren duren.

Uitdagingen vervanging IBOR benchmarkrentes_tabel2

De eerste twee scenario’s impliceren dat de RFR en marktliquiditeit op tijd aanwezig zijn. De laatste twee scenario’s impliceren dat de IBOR-rentes na de transitiedatum op een bepaalde manier gepubliceerd zullen blijven worden.

Conclusie

De transitie van de IBOR naar de RFR heeft een grote impact op contracten, modellen en systemen. De voorwaarden van aflopende contracten moeten worden heronderhandeld om de contracten te vernieuwen en alle systemen waar IBOR wordt gebruikt, moeten worden aangepast. Of de markt of de regelgever het initiatief neemt, is nog onduidelijk. Ook is nog onduidelijk wat de gewenste timing en eindsituatie is. Om zo goed mogelijk op de komende transitie voorbereid te zijn, raden wij aan om tijdig de omvang en impact van de transitie in kaart te brengen en, indien mogelijk, uit voorzorg te handelen.