De Zaanse metamorfose

De Zaanse metamorfose

Sinds de zeventiende eeuw staat de Zaanstreek bekend als de ‘provisiekast van Nederland’, eerst dankzij de honderden molens, later door de succesvolle kruidenier Albert Heijn. Bedrijvigheid zit in het Zaanse bloed. Maar ook de Zaanstreek voelt de gevolgen van veranderende en vooral minder voorspoedge tijden. Wat merkt de treasurer van de gemeente Zaanstad daarvan?

Zaanstad is niet, zoals de naam doet vermoeden, een stad. Zaanstad is een gemeente, bestaande uit de stad Zaandam en de zes dorpen Koog aan de Zaan, Zaandijk, Westzaan, Wormerveer, Assendelft en Krommenie. Met bijna 150.000 inwoners is het de veertiende gemeente van Nederland. Sinds november 2011 is de gemeente gehuisvest in een nieuw stadhuis, midden in het splinternieuwe stadscentrum van Zaandam. Het ligt direct naast het opmerkelijke Intell Hotel Zaandam, dat bestaat uit zeventig ‘op elkaar gestapelde’ Zaanse huisjes, gekleurd in vier tinten Zaans groen. De bouw van het hotel, dat twaalf verdiepingen en 160 kamers telt, kostte rond de vijftien miljoen euro. Architect Sjoerd Soeters ontwierp het nieuwe stadhuis. Dat hij bekend staat om zijn kleurrijke, verhalende ontwerpen en zich heeft laten inspireren door de Zaanse historie, is in het bouwwerk duidelijk terug te zien.

Transparantie

Het oude stadhuis in Zaandijk had veel kamers met deuren die dicht konden. Het nieuwe stadhuis is op dat vlak een omgekeerde wereld. Het gebouw staat symbool voor het beleid van de gemeente, waarbij transparantie, overzichtelijkheid en duurzaamheid bepalende waarden zijn. Deze begrippen worden in het nieuwe pand vertaald naar open, fl exibele werkplekken en het gebruik van aardse kleuren, zoals groen, kleigrijs en een oranje tint die doet denken aan de Australische outback. Opvallend is dat bij het nieuwe stadhuis geen parkeerplekken zijn; parkeren kan alleen betaald, onder het nabij gelegen winkelcentrum. Dat is een stevige stimulans voor de 1.100 medewerkers van de gemeente om met de fiets, de bus of de trein te komen. Erik Peek, Treasurer bij Gemeente Zaanstad en werkzaam binnen de afdeling Concerncontrol, is erg blij met zijn nieuwe werkomgeving: “Dit nieuwe stadshart heeft voor een ware metamorfose gezorgd die doorwerkt in de organisatie en cultuur. Voor 2008 was dit een kale, onaantrekkelijke plek. Deze plek geeft mij nu een boost in mijn werk.” De bouw van het nieuwe stadhuis is nog net voor de kredietcrisis in gang gezet, rond 2008. Andere plannen, zoals de bouw van een nieuw vergadercentrum met catering en een bibliotheek, zijn uitgesteld als gevolg van de economische tegenspoed. Ook plannen voor een nieuw cultuurhuis in het centrumgebied wachten op een geschikter moment.

Omslagpunt

Dankzij zijn jarenlange ervaring op diverse financiële functies binnen de gemeente – hij werkt er sinds 2000 – kent Peek de organisatie door en door. Hij weet precies hoe de geldstromen en de hazen intern lopen, en hoe de administratieve systemen werken. Het maken van een actuele liquiditeitsprognose is daardoor bijvoorbeeld een stuk makkelijker. In de manier van werken is de periode rond 2008 een omslagpunt geweest, vindt Peek. “Als je terugkijkt, was het daarvoor een veel rustiger, overzichtelijker tijd. Nadat het fout ging met beleggingen van een aantal andere gemeenten en een aantal provincies bij de IJslandse bank Landsbanki kwam de nadruk veel meer op risico’s te liggen en werd alles complexer. De perceptie van risico veranderde en de criteria voor beleggen bij gemeenten werden strenger.”

Ook op het gebied van financiering zijn zaken veranderd. Traditioneel werd vroeger gefinancierd met tienjarige leningen. De afgelopen paar jaren is de variatie in looptijden en de inzet van andere financieringsproducten toegenomen. Peek stelt vast dat er voor treasurers van gemeenten, vanuit het toegenomen aanbod aan financieringsproducten door banken en andere geldgevers, meer knoppen zijn bijgekomen om aan te draaien. De gemeente Zaanstad zette een paar jaar geleden de eerste voorzichtige stappen met de inzet van rentederivaten, binnen de strenge wettelijke kaders voor prudent gebruik.

“Er wordt vaak over derivaten bericht als ‘speculatieve producten’, maar wij hebben juist een perfect hedge

Het gebruik van derivaten in de publieke sector staat sinds begin dit jaar sterk in de belangstelling. De berichtgeving erover geeft echter vaak een vertekend beeld, vindt Peek. “In de pers wordt over derivaten veel geroepen en geschreven dat niet klopt, waardoor nog meer verwarring ontstaat. Derivaten kúnnen risico’s met zich meebrengen, maar dekken bij weloverwogen en verstandig gebruik risico’s juist af. Er wordt vaak over derivaten bericht als ‘speculatieve producten’, maar binnen de gemeente hebben we juist een perfect hedge. Onder ieder derivaat ligt een concrete financieringsbehoefte en de rentelasten in de begroting zijn daadwerkelijk verlaagd. De risico’s die zich het afgelopen half jaar manifesteerden bij woningcorporaties komen direct voort uit afspraken met banken over bijstortingsverplichtingen wanneer derivaten sterk in marktwaarde dalen. De gemeente Zaanstad heeft dergelijke verplichtingen niet. Bij de onderhandeling destijds met banken zijn die bewust expliciet uitgesloten.”

Risico’s

Veel Nederlandse gemeenten voelen sinds half 2008 de gevolgen van de kredietcrisis stevig. Vlak nadat Lehmann Brothers omviel (september 2008), is de gewijzigde wet Fido (Financiering Decentrale Overheden) in werking getreden. Na de evaluatie van de wet in 2006 lag de focus veel sterker op het risicodenken. De aanscherping van de wettelijke kaders in de herziene wet stonden al op papier voordat de crisis in de bankenwereld doorwerkte. Door de opgedane ervaringen wordt anders gekeken naar dezelfde risico’s. “Ook achter een kredietrating van minimaal ‘single A’ zit een feitelijke kans op faillissement”, licht Zanders-consultant Hans Visser toe. “Daarvóór werd de kans op faillissement bij dit soort credit ratings door zowel geldgevers als geldnemers als een virtueel risico gezien. De afgelopen jaren hebben zich tijdens de kredietcrisis gebeurtenissen voorgedaan waarvan gedacht werd dat die zich nooit zouden kunnen voor doen.”

Gemeenten worden door geldgevers beschouwd als tegenpartijen met een risico gelijk aan een triple-A-rating. Dat maakt dat gemeenten als stevige tegenpartijen met laag risico gezien worden. De beschikbaarheid van financiering tegen gunstige voorwaarden is daardoor sinds 2008 niet in gevaar geweest. Waar zitten de risico’s voor de gemeente, als gevolg van de kredietcrisis, dan precies? Peek: “Aan de garanties en borgstellingen die gemeenten geven, kleven ook risico’s. Maatschappelijke organisaties en private marktpartijen kloppen in deze moeilijke financiële tijden sneller en vaker aan bij een gemeente voor garantstelling voor hun financiering. De risico’s van garantstellingen zijn niet direct zichtbaar, maar kunnen wel concreet worden. Mede door de ervaringen met de kredietcrisis wordt dit risico door de gemeente meegewogen bij het afgeven van garanties en borgstellingen. Daaraan zie je dat het nu anders gaat dan vroeger.”

Sparringpartner en luis in de pels

Eens per jaar presenteert Peek het nieuwe Treasury Jaarplan in de gemeenteraad of commissie. “Voor de raad is het lastige en vrij abstracte materie, die veel uitleg en toelichting vraagt”, vertelt hij. “Dit jaar komt dat vooral door de discussie over de mogelijke schuldenreductie, als gevolg van de aangekondigde invoering van de wet HOF. De gemeente hanteert in de begroting een baten- en lastenstelsel, terwijl het Rijk denkt in inkomsten en uitgaven. De financiering die gemeente Zaanstad de komende jaren denkt nodig te hebben voor investeringen, komt terug in de begroting als lasten in de vorm van rente en afschrijving. Daardoor worden de lasten in de begroting uitgesmeerd over een periode van dertig jaar. Bij het Rijk is dat niet zo, daar komen de uitgaven aan investeringen in één keer ten laste van het saldo van inkomsten en uitgaven van het jaar waarin ze plaatsvinden en dat kan leiden tot een mogelijk te groot tekort in dat jaar. De invoering van de Wet HOF kan er toe gaan leiden dat gemeenten minder kunnen investeren. Voor raadsleden is dat verschil, heel begrijpelijk, soms moeilijk te volgen.”

Als gevolg van dergelijke ontwikkelingen is de kwaliteit van de besluitvorming en van de afwegingen die daarbij gemaakt worden steeds belangrijker geworden. Peek: “De rol die Zanders bij ons speelt is voor ons heel waardevol: een onafhankelijke extern adviseur, zonder belangen bij het afsluiten van transacties en met veel expertise en praktijkervaring.” Namens Zanders neemt Hans Visser deel aan de maandelijkse vergaderingen van de treasurycommissie van gemeente Zaanstad. “Mijn voorganger is daar in rond 1998 mee begonnen en ik heb het stokje van hem overgenomen in 2005 ”, vertelt Visser. “Soms moet je als consultant ook de ‘luis in de pels’ zijn. De plannen van Erik Peek zijn altijd goed doordacht. De gemeente is steeds professioneler geworden en treasury staat goed op de agenda.” Die ontwikkeling in de breedte zie je bij steeds meer gemeenten, zegt Peek: “Ik spreek regelmatig treasurers van andere 100.000+ gemeenten en hoor daar dezelfde geluiden. De treasurers van de gemeenten houden elkaar scherp. We brengen alle soorten risico’s ter sprake en wisselen ervaringen uit.” Peek vindt in Visser een klankbord dat hem weer helpt in zijn rol als interne sparringpartner en luis in de pels binnen de gemeente. “In vergelijking met tien jaar geleden is de kwaliteit van de besluitvorming en de aard van de afwegingen mee ontwikkeld met de veranderde omstandigheden.”

Eén begroting

Als gevolg van de crisis moet ook gemeente Zaanstad bezuinigen en keuzes maken. Het komende jaar moet in totaal dertig miljoen euro worden bezuinigd. “Er moet meer gebeuren met minder middelen”, zegt Peek. “Gemeenten worden gedwongen steeds meer een professionele sparringpartner voor de omgeving te zijn. De achtervangfunctie van de gemeenten voor andere partijen verandert daardoor waarschijnlijk ook.”

“De gevolgen van ons nieuwe onderkomen zie je terug in een veranderende werkwijze en cultuur”

Peek ziet zijn eigen functie ook veranderen. “De gevolgen van ons nieuwe onderkomen zie je ook terug in een veranderende werkwijze en cultuur. De transparantie wordt groter en er ontstaat meer overlap tussen afdelingen. Je merkt dat het werkveld breder en de organisatie naar binnen en naar buiten toe opener wordt. De toegang tot benodigde informatie is sterk verbeterd. Als treasurer word ik steeds meer en eerder betrokken bij kwesties rond financiering en de analyse van financiële risico’s.” Voor Concerncontrol een belangrijke ontwikkeling, omdat het haar taak is burgemeester en wethouders en de gemeenteraad te voorzien van alle relevante financiële informatie die nodig is voor heldere en goede besluitvorming. “Sinds we in dit nieuwe gebouw zitten hebben we één begroting, dus geen aparte dienstenstructuur meer – met ingang van 2013 wordt er onderling niets meer verrekend. Daar gaan we een enorme efficiëntieslag mee maken.” De verhuizing van de gemeente Zaanstad naar het nieuwe stadhuis heeft zo in meerdere opzichten geleid tot een ware metamorfose.