Nationale-Nederlanden
verstevigt grip op risico’s
Enkele honderden bedrijven hebben hun pensioenregeling ondergebracht bij Nationale-Nederlanden. Voor deze klanten garandeert Nationale-Nederlanden dat zij hun pensioenverplichtingen na kunnen komen. Het managen van de risico’s die dat, zeker in de recente woelige tijden, met zich meebrengt is echter een behoorlijke klus. Nationale-Nederlanden maakte hierin een aantal forse stappen en kreeg daarbij hulp van Zanders.
Nationale-Nederlanden (NN) levert verzekerings- en pensioenproducten aan particulieren, bedrijven en corporate clients. Onder die laatste categorie vallen grote werkgevers en andere pensioenfondsen met een gezamenlijk premievolume van meer dan 1 miljard euro per jaar. Bij Nationale-Nederlanden Corporate Clients (NNCC) staat klantbelang voorop. Dit blijkt onder meer uit de recent geïntroduceerde dealteams. Zo gaat NN een lange termijn relatie aan met klanten met een unieke, gezamenlijke klantbediening door één van de drie labels: NNCC, AZL en ING Investment Management (IIM). Verder biedt NN maatwerkoplossingen met innovatieve producten. Dealteams vanuit NNCC, AZL en IIM bieden deze proposities aan de klant aan. Hierbij ligt de focus op transparantie en lage uitvoeringskosten. Hans Bonsel is Chief Risk Officer (CRO) van de Business Unit Corporate Clients. “De klantspecifieke beleggingen gaan allemaal in aparte depots”, legt hij uit. “Afhankelijk van het risicoprofiel dat de klant kiest, betaalt deze een bepaalde premie. Zit het mee, dan heeft de klant aan het eind van de rit wat extra. Zit het tegen, dan garandeert Nationale-Nederlanden de pensioenuitkeringen.”
Materiële volatiliteit
De afspraken die met de verschillende klanten gemaakt zijn, komen in grote lijnen overeen. Op bepaalde details verschillen de contracten echter doorgaans, omdat de klanten vaak de voorkeur geven aan maatwerk wat op hun specifieke situatie van toepassing is. De waarde van deze omvangrijke portefeuille beweegt mee met de financiële markten. Om deze risico’s af te dekken, houdt Nationale-Nederlanden een hedgeportefeuille van derivaten aan. Bonsel: “Tot 2008 was de markt stabiel , maar in de loop van dat jaar ontstond er door de garanties in deze portefeuille een zeer materiële beweeglijkheid, ook wel volatiliteit genoemd, in onze winst- en verliesrekening.”
“Wat we bereikt hebben, is geweldig. We lopen voorop waar het gaat om het begrijpen en hedgen van dit soort risico’s.”
Uitdagingen
Door de extreme waardeschommelingen kreeg het succesvolle product grote impact op het resultaat. Bonsel: “In 2008 kwamen er zaken naar boven waar we voorheen aan voorbijgegaan waren. We hadden dan ook twee belangrijke vragen. Eén: begrijpen wij alle risico’s in het product optimaal? En twee: als we de risico’s kennen, hoe kunnen we ons dan indekken tegen die risico’s en zorgen dat de volatiliteit binnen de juiste bandbreedte blijft?”
Om deze risico’s af te dekken ontwikkelde NN een programma dat begin februari 2009 van start ging. Het programma kreeg hoge prioriteit binnen Nationale-Nederlanden. Er werd een team opgetuigd met experts vanuit allerlei afdelingen bij Nationale- Nederlanden maar ook daarbuiten. Bonsel vroeg Jaap Karelse van Zanders om het programma te leiden. “Ik zocht iemand die zo’n programma kon aansturen en bovendien voldoende inhoudelijk begrip van de materie had. Die combinatie kom je niet vaak tegen.” Naast Karelse, gingen nog drie andere consultants van Zanders aan de slag met het programma.
Uitgebreide analyse
Robbie Rondagh is manager risk binnen de afdeling Risk van de Business Unit Corporate Clients. Ook hij maakte deel uit van het team. “In eerste instantie zijn we het product met verschillende partijen verder gaan analyseren. Hoe lopen de verwachte toekomstige geldstromen, en hoe zijn deze afhankelijk van de marktomstandigheden? Hoe effectief zijn de hedges en kunnen we die strategie verbeteren? Wanneer wordt welk gedrag verwacht van onze klanten, wanneer zullen zij hun rechten uit gaan oefenen?” Wat bijvoorbeeld dat laatste punt betreft helpt het niet dat er maar een beperkte set van contracten is. “Bij onze reguliere producten hebben we grote hoeveelheden observaties om het klantgedrag in kaart te brengen. Bij dit product zijn dat er veel minder maar toch is het erg belangrijk om daar grip op te krijgen.”
Het was een uitdagend traject. “Een bottleneck was tijd”, vertelt CRO Bonsel. “Het specificeren, testen, en documenteren van de modellen om het toekomstig verloop van de contracten te voorspellen kost veel tijd. We hadden de beschikking over tientallen snelle computers, maar zelfs daarmee kon het doorrekenen van bepaalde scenario’s een week duren. Voor het administreren van de hedges om de risico’s af te dekken werd hulp ingeroepen van de collega’s van ING Life Japan, die reeds een dergelijk systeem voor hun eigen hedge-activiteiten hadden geïmplementeerd. Dit systeem werd gereed gemaakt voor gebruik op afstand door Nationale-Nederlanden. Bonsel: “Ondertussen stond de financiële wereld niet stil. Als bijvoorbeeld de rente piekte en er resultaatsverschillen ontstonden, kwamen er meteen allerlei vragen op ons af. Het was prettig dat we met Jaap en zijn collega’s konden werken.” Robbie Rondagh: “Het voordeel van de mensen van Zanders is dat ze snel up and running zijn. Bovendien zijn ze gewend om zelfstandig te werken.” Een andere, niet te onderschatten, uitdaging was het internationale aspect van het project. Bonsel: “Je moet rekening houden met het tijdsverschil, taalverschillen en cultuurverschillen tussen Nederland en Japan.”
Diverse aanpassingen
Het team volbracht haar missie. De analyses en onderzoeken leidden tot tal van verbeteringen. Aanpassingen in het offertetraject bijvoorbeeld. Maar ook een complete aanpassing van het fondsaanbod waardoor het geheel beter te hedgen was en risico’s beter af te dekken waren. Bonsel: “Wat we bereikt hebben, is geweldig. We lopen voorop waar het gaat om het begrijpen en hedgen van dit soort risico’s.”

